Functionerings- en beoordelingsgesprek
Vraag 1: Wat is een functioneringsgesprek?
Vraag 3: Hoe wordt een functioneringsgesprek voorbereid?
Vraag 4: Wat te doen als de medewerker geen gesprekspunten heeft?
Voorbeeld lijstje:
- arbeidsomstandigheden
- werkplezier
- werkbelasting- en -belastbaarheid
- persoonlijke ontwikkeling
- (strakke) procedures
- onderlinge werkrelatie
- werkinhoud
Vraag 5: Wat is een goede structuur voor het functioneringsgesprek?
Vraag 6: Wat is een beoordelingsgesprek?
Vraag 7: Wat is de zin van een beoordelingsgesprek?
Vraag 8: Is het mogelijk objectief te beoordelen?
Er is sprake van een zo objectief mogelijke beoordeling als de medewerker de kans heeft vooraf juist te kunnen inschatten wat het oordeel van de leidinggevende zal zijn. Dit impliceert het hebben van duidelijke afspraken omtrent de verwachting die de leidinggevende van de medewerker mag hebben, en frequent contact over de voortgang hiervan gedurende de beoordelingsperiode.
Vraag 9: Waarop kunnen medewerkers beoordeeld worden?
Bij een inputbeoordeling worden medewerkers beoordeeld op gedragsvariabelen of competenties. Voorbeelden zijn: collegialiteit, inzet, schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid, flexibiliteit, etc.
Bij een outputbeoordeling ('wat komt er uit iemands vingers?') wordt een medewerker bijvoorbeeld beoordeeld op declarabele uren, gerealiseerde omzet, percentages uitval/afval, succesvolle acquisitiegesprekken, succesvol afgeronde projecten.
De combinatie van beide komt in Nederland het meeste voor.
Vraag 10: Welke 'scores' kunnen bij een beoordeling onderscheiden worden?
De smalste schaalbreedte is een tweepunt schaal; goed of fout, wel of niet. Dit geeft maximale duidelijkheid. Leidinggevenden hebben echter vaak behoefte aan meer mogelijkheden ter nuancering. Meest voorkomend is de 4- (bijvoorbeeld: A = behoeft verbetering, B = voldoende, C = goed en D = uitstekend) en de 5-puntenschaal (1: slecht, 2: onvoldoende, 3: voldoende, 4: goed, 5: excellent).
Het nadeel van een te brede schaal is dat de onderlinge verschillen moeilijk uit te leggen zijn.
Vraag 11: Wat is een goede structuur voor het beoordelingsgesprek?
Na het herhalen van het eindoordeel en het benoemen van de consequenties is er ruimte voor persoonlijke omstandigheden en zaken die het functioneren hebben beïnvloed, en maken partijen afspraken voor de nieuwe beoordelingsperiode. Het beoordelingsformulier tekent de medewerker voor gezien. De medewerker hoeft het immers niet eens te zijn met het oordeel.
Vraag 12: Wanneer geeft u uw medewerker het (ingevulde) beoordelingsformulier?
Vraag 13: Wat zijn consequenties van een beoordeling?
De meeste organisaties verwoorden zaken als consequenties in een handleiding. In zo'n handleiding worden ook vragen beantwoord als:
- wie mag het formulier allemaal inzien
- hoe lang blijft het formulier bewaard
- hoe te handelen bij onenigheid
Vraag 14: Waarin verschilt het functioneringsgesprek van het beoordelingsgesprek?
Daarnaast is het functioneringsgesprek meer toekomstgericht, terwijl partijen in een beoordelingsgesprek terugkijken naar de afgelopen periode.
Vraag 15: Kunnen beoordelings- en functioneringsgesprekken gecombineerd worden?
Als er sprake is van een gecombineerd gesprek is het belangrijk te beginnen met het beoordelingsgedeelte. Voor de medewerker is het immers meestal 'spannend' om te horen wat het oordeel is. Soms is een combinatie niet wenselijk. Dit geldt met name als er voor de medewerker een (negatieve) verrassing blijkt in het beoordelingsgedeelte. Dan is het verstandiger om voor het functioneringsgedeelte een nieuwe afspraak te maken.
Vraag 16: Hoe vaak voert u functionerings- en beoordelingsgesprekken?
Vraag 17: Hoe lang duren functionerings- en beoordelingsgesprekken?
In Nederland duurt een functioneringsgesprek gemiddeld 45-60 minuten. Een beoordelingsgesprek duurt iets korter.